Op station Amsterdam Centraal stappen dagelijks zo’n 167.000 mensen de trein in en uit. De veiligheid van iedereen die het station bezoekt of er werkt heeft topprioriteit. Daarom is in het kader van de grootscheepse verbouwing van het station ook de brandmeld- en ontruimingsinstallatie vernieuwd.

De afgelopen jaren hebben het 125 jaar oude Amsterdam Centraal en de directe omgeving een ingrijpende verbouwing ondergaan. Het autoverkeer rijdt sinds medio 2015 via de Michiel de Ruijtertunnel onder het station door. De fiets- en voetgangerstunnel creëert sinds eind 2015 een snelle verbinding tussen centrum en de pontjes. De kade wordt ingericht als fiets- en voetgangersgebied. Onder het Stationsplein en het station is de nieuwe metrohalte Centraal Station gerealiseerd. De westvleugel onderging een opknapbeurt. Tussen de bestaande reizigerstunnels in zijn twee nieuwe passages gebouwd, die het monumentale stationsgebouw verbinden met een ultramoderne nieuwe tweede hoofdentree: de IJ-hal. De passages hebben geen toegangspoortjes en zijn dus voor iedereen vrij toegankelijk. In de IJ-passage en IJ-hal zijn winkels en diverse horecazaken gevestigd voor reizigers met wat meer tijd. Amsterdam Centraal is kortom veranderd in een aantrekkelijke reis- en verblijfsplaats, waar mensen makkelijk overstappen tussen trein en overig OV, met elkaar afspreken en een boodschap kunnen doen – een indrukwekkende metamorfose.

Brandveiligheid

Terwijl de verbouwing in volle gang was, zijn ook de brandmelders, de brandcentrale en de ontruimingsinstallatie vernieuwd. Het station voldoet nu aan de aangescherpte regels voor brandveiligheid. De installatiewerkzaamheden vormden een uitdaging. Zo mochten reizigers en winkeliers geen overlast ondervinden en moest de oude brandmeldinstallatie in werking blijven tot de nieuwe volledig was getest. ‘De brandweer kwam regelmatig controleren of alles goed ging’, vertelt Hans Melissant van Installatie Techniek Louwer (ITL), dat de installatiewerkzaamheden uitvoerde. ITL heeft al op diverse NS-stations gewerkt. ‘Maar op Amsterdam Centraal lopen de zaken vaak net iets anders’, weet Melissant. ‘Het station is dan ook bijna 9000 vierkante meter groot en heeft een monumentaal karakter.’

‘De oude brandmeldinstallatie moest in werking blijven tot de nieuwe volledig was getest.’

Rijdende trein

ITL legde een volledig nieuw hoofdkabeltracé voor dit project aan. Een technische uitdaging. Wellicht nog complexer dan de techniek was de organisatorische kant van het project. Op Amsterdam Centraal zijn behalve NS en ProRail diverse andere organisaties actief. Hun belangen moesten goed op elkaar worden afgestemd. ‘Voor de communicatie met stakeholders, huurders en reizigers hebben we een communicatieplan opgesteld’, Javed Ahmad, technisch adviseur bij NS Stations.
Het projectteam moest rekening houden met de vele andere projecten die op het station in uitvoering waren. Zo hadden keuzes met betrekking op de brandmeldcentrale ook impact op de in aanbouw zijnde IJ-hal. ‘Het was een rijdende trein waar we zijn opgesprongen’, aldus Marcel Sleegers, projectmanager namens NS Stations. ‘We hebben veel tijd en energie gestoken in het op één lijn krijgen van alle partijen.’ De werkzaamheden werden uitgevoerd zonder dat de reizigers er last van hadden. De veiligheid en beschikbaarheid van het station moesten immers maximaal blijven.

De veiligheid en beschikbaarheid van het station moesten maximaal blijven.

Nauwkeurige detectie

In totaal bracht ITL zo’n 800 nieuwe brandmelders aan – iedere vierkante meter van het station is beveiligd. De melders zijn mooi weggewerkt in muren en plafonds. Ze zijn gebaseerd op ASA-technologie en kunnen rook onderscheiden van op rook lijkende verschijnselen. Dit voorkomt ongewenste alarmen, zegt Sleegers: ‘In het station zit een aantal winkels die brood of iets anders bakken. We willen niet dat telkens wanneer je de oven opent het alarm afgaat.’ Alleen in de monumentale centrale hal konden om architectonische redenen geen ASA-melders worden toegepast en zijn lineaire brandmelders aangebracht.

Risicomanagement

De voor- en brandalarmen van de melders komen binnen in de Toezicht Ruimte Amsterdam (TRA), die een directe lijn met de brandweer heeft. De TRA heeft toegang tot het nieuwe ‘Danger Management Systeem MM8000’, dat net als de brandinstallatie door Siemens is geleverd. MM8000 geeft een goed overzicht van alle alarmen, meldingen en de status van de aangesloten systemen. De TRA kan hierdoor snel in actie komen als de situatie erom vraagt. Een geïntegreerde rapportagetool maakt het mogelijk om de beschikbaarheid van alle aangesloten subsystemen te monitoren en op eenvoudige wijze in rapportages vast te leggen. Ook dat komt tegemoet aan de strengere brandveiligheidseisen, zegt Robert Blokdijk, installatieverantwoordelijke bij NS Stations. ‘Vroeger keurde de brandweer de brandmeldinstallatie goed, maar tegenwoordig moeten we de goede werking zelf aantonen. Dat is met deze tool perfect mogelijk.’

Digitale panelen

De toezichthouders in de TRA hebben een verificatietaak. Bij een brandmelding controleren ze of er echt sprake is van brandgevaar. Gaat het om een onterecht alarm, dan melden ze dit door aan de brandweer. Doen ze dit niet, dan rukt de brandweer uit en staat binnen twee minuten voor de ingang van Amsterdam Centraal. Via digitale panelen met daarop een plattegrond van het station ziet de brandweer in één oogopslag wat er aan de hand is en waar. Sleegers noemt dit een gebruiksvriendelijke oplossing. ‘Men hoeft nu geen tekstberichten op te zoeken en te vertalen naar een plattegrond, maar kan met één muisklik in de MM8000, inzoomen op de locatie waar de melder is afgegaan.’

‘Men kan met één muisklik in de MM8000 inzoomen op de locatie waar de brandmelder is afgegaan.’

Ontruimingsmelding

Bij brand wordt iedereen verzocht het station zo snel mogelijk te verlaten. Dit gebeurt via een gesproken woordmelding in meerdere talen. De combinatie van de ontruimings- en omroepinstallatie in het station was technisch complex en vergde een goede afstemming met ProRail. De spoorvervoerder is verantwoordelijk voor het omroepen van treintijden op het station, terwijl NS Stations de ontruimingsmeldingen onder haar hoede heeft. Alleen bij een ontruimingsmelding gaat de muziek in de winkels automatisch uit.

Nachtelijk testwerk

In het geval van brand vallen roltrappen en liften stil, gaan o.a. deuren dicht en sluiten gaskleppen automatisch. NS Stations heeft er bewust voor gekozen om bij brand de ventilatie maximaal open te draaien, zodat de aanwezigen op het station langer kunnen blijven ademen. Onder het station zit een groot waterreservoir waaruit de sprinklerinstallaties putten tot de brandweer het bluswerk overneemt. Het testen van de nieuwe brandmeldinstallatie gebeurde ’s nachts. Tussen één en vijf uur ’s nachts zijn immers veel minder reizigers op het station dan overdag en zijn bovendien de winkels gesloten.

‘Dit project was alleen mogelijk door een goede samenwerking tussen NS Stations, ITL en Siemens.’

Teamwork

Als leverancier van de Sinteso-brandmeldinstallatie was Siemens vanaf de ontwerpfase bij het project betrokken. Brandveiligheid is immers een aparte tak van sport. Blokdijk: ‘De techniek verandert razendsnel, en dat kunnen wij zelf niet bijhouden. Daarom hebben we de deskundigen bij onze ontwerpkeuzes betrokken. We hebben onder meer de bestekken door Siemens laten reviewen.’ Ahmad: ‘Dit project was alleen mogelijk door een goede samenwerking tussen NS Stations, ITL en Siemens. We zijn als partners opgetrokken. Ieder met zijn eigen verantwoordelijkheid en deskundigheid.’

 

Klik hier voor meer informatie over het managementsysteem